Archief van de rubriek:
‘Fritzverslag’

Fritz redt de Redactiehond (aflevering 20)

Wat voorafging…
Onze drie superhelden hebben de twee schurken gevonden in een oude havenloods. Vanuit hun schuilplaats onder het dak horen ze dat Dr. Von Schtück iets vreselijks van plan is met de honden die hij heeft ontvoerd. Maar dan dondert Superrrfritz per ongeluk naar beneden. Hij valt op een operatietafel, vlak bij de beide boeven.

Het bevel van zijn meester gehoorzamend, kwam Igor op ons af. Zijn bewegingen waren log, geheel in overeenstemming met zijn groot en misvormd lichaam. Maar Igor hoefde zich niet te haasten. Want na onze val en vooral onze onzachte landing deed onze rug te veel pijn om een vin te verroeren. Dat had Igor door. Hij grijnsde en kwijlde.

Kreunend probeerden wij overeind te komen. Maar toen had Igor onze rechterpols al beet. Zijn ijzeren grip leek al het leven uit ons hand te doen verdwijnen. Wij tilden ons hoofd en onze schouders wat op en met ons linkerhand probeerden wij, tevergeefs, Igors vingers los te wrikken. De bultenaar grinnikte en kneep nog harder.

In een ultieme poging om onszelf te bevrijden, duwden wij onze superrrnagels in Igors hand. Het monster brulde. Maar hij liet ons niet los. Hij greep ons bij de keel en sloot onze luchttoevoer af. “Goed zo, Igor”, hoorden wij Dr. Von Schtück zeggen, “Hou jij Herr Plissken even tegen, dan bind ik hem vast. Ik heb een leuk ideetje.”

Eens wij stevig vastgesnoerd lagen, liet Igor ons los. Voor ons gevoel waren onze pols en onze keel enkele centimeters dunner geworden. Dr. Von Schtück boog zich over ons gezicht. “Zo dadelijk, Herr Plissken, bent u getuige van de grootste wetenschappelijke realisatie aller tijden. Meer nog, u mag er aan deelnemen… als proefkonijn.”

“Reeds eeuwenlang proberen alchemisten goud te maken uit allerlei materialen. Maar ik, Dr. Maximiliaan Von Schtück, heb een methode ontdekt die echt werkt! Met mijn Extractor haal ik het glazuur uit pas getrokken hondentanden. En dat zet mijn Purificator om in zuiver goud. Maar eerst, Herr Plissken, gaan wij mijn mooie Extractor even laten proefdraaien… met uw tanden! Igor, breng mij de tang.”

Wordt vervolgd…

Fritz redt de Redactiehond (aflevering 19)

Wat voorafging…
Onze drie superhelden hebben het spoor van de gemene Dr. Von Schtück gevolgd tot in de haven. De vrachtwagen waarin de schurk de ontvoerde honden had opgesloten, is leeg. Maar in de loods ernaast brandt licht. En er klinkt geblaf. Superrrfritz, Superrrjunior en Superrrredactiehond weten genoeg: het is tijd voor actie!

Ook onze twee metgezellen was het niet ontgaan. “Hebben jullie dat blauwe licht in dat hoge raam in de loods hiernaast gezien?”, vroeg Superrrjunior. “En ik hoor geblaf”, voegde Superrrredactiehond er aan toe. Wij knikten. “We weten genoeg, jongens. Von Schtück en Igor zitten in die loods, met die arme honden. Het is tijd voor actie!”

Via de regenpijp klom Superrrjunior op het dak. Vervolgens liet hij een touw zakken, zodat wij ook naar boven konden klauteren, met de Superrrredactiehond op onze rug. Op het dak schroefden wij een van de lichtkoepels los. Voorzichtig schoven wij het zware ding opzij. Muisstil lieten wij ons naar binnen zakken. Iemand maakte zich boos.

“Vervloekt, Igor”, klonk de Oost-Europese stem van Dr. Von Schtück, “Schiet eens een beetje op met die Extractor!” Op de stalen balken onder het dak konden wij goed zien wat er onder ons gebeurde, terwijl de duisternis ons onttrok aan het zicht van de beide schurken. Ze waren een immense machine aan het monteren. Maar waartoe?

“En laat de honden met rust”, zette Dr. Von Schtück zijn tirade voort. “Eens we hun tanden hebben en als ons werk klaar is, mag jij met ze doen wat je wilt.” Igor begon hinnikend te lachen en weldra galmde ook de bulderende hoonlach van zijn meester door de loods. Wij huiverden. Het nekhaar van Superrrredactiehond stond overeind.

“Die maniak heeft vuige plannen”, fluisterden wij, “We moeten hem tegenhouden. Maar we moeten heel voorzichtig te werk gaan.” Wij gingen even verzitten om een kramp in onze voet te verlichten. Helaas verloren wij ons evenwicht. Wij vielen. Een operatietafel brak onze val, min of meer. “Herr Plissken”, begroette Dr. Von Schtück ons koeltjes, “Wat een onaangename verrassing. Igor, grijp hem.”

Wordt vervolgd…
 
 
(De eerste aflevering van dit spannende avontuur vindt u hier.)

Fritz redt de Redactiehond (aflevering 18)

Wat voorafging…
Nu de dreiging van de boze burgers en de politie is geweken, kunnen onze drie superhelden zich weer concentreren op hun taak: de gevaarlijke Dr. Von Schtück opsporen en de honden bevrijden die hij heeft ontvoerd. Maar hoe moeten ze dat doen zonder hun Superrrredactiemobiel? Gelukkig weet Superrrredactiehond raad.

“Jouw superrrneus?”, herhaalden wij vragend. Want wij hadden de suggestie van Superrrredactiehond niet helemaal begrepen. “Maar natuurlijk, vader!”, reageerde Superrrjunior enthousiast, “Met zijn superrrneus kan hij ruiken welke kant die twee schurken op zijn gegaan. Als we het spoor blijven volgen, vinden we hen vanzelf.”

“Precies”, zei Superrrredactiehond vol vertrouwen in zijn reukorgaan. “Ik heb een hele tijd in die vrachtwagen gezeten, baas. Die geur vergeet ik nooit meer.” Trots glimlachend kriebelde Superrrjunior achter de oren van onze viervoeter, die er van ging kwispelen. “Goed dan”, stemden wij in met het plan, “Superrrredactiehond, zoek!”

Blaffend rende onze trouwe vriend naar de snelweg, waar hij druk snuffelend op zoek ging naar het spoor. Wij volgden hem op de voet. Rond ons woedde een veldslag tussen politie en boze burgers. Beide partijen dienden elkaar rake klappen toe. Was het niet onze plicht als superheld om in te grijpen? Hier verkeerden medemensen in nood!

Maar toen bedachten wij ons dat diezelfde medemensen ons valselijk hadden beschuldigd. Dreigend hadden zij op ons verhaal willen halen voor de geleden schade. Goed, het was onze Superrrredactiemobiel die was neergestort. Maar wel nadat Dr. Von Schtück er een raket op had afgevuurd. Nee, deze medemensen konden ons mooi de pot op.

Superrrredactiehond blafte: hij had het spoor gevonden! Met zijn neus laag bij de grond zette hij het op een drafje. Wij renden achter hem aan, midden op de verlaten snelweg. Lang na zonsondergang belandden wij in de haven. We vonden de lege vrachtwagen in een stinkend steegje. Door een raam hoog in de muur van de loods er- naast schemerde een flikkerend, blauw licht. En wij hoorden geblaf.

Wordt vervolgd…

Fritz redt de Redactiehond (aflevering 17)

Wat voorafging…
Een woedende menigte en de politie beschuldigen Superrrfritz er ten onrechte van verantwoordelijk te zijn voor de enorme ravage die de raketaanval van Dr. Von Schtück heeft aangericht. Wanneer onze superheld zich verbaal verdedigt, gaat een van de agenten door het lint. Hij lijkt Superrrfritz te herkennen en grijpt naar de pepperspray.

“Rustig, Jos”, probeerde de tweede agent zijn hysterische collega te kalmeren, “Waar heb je het toch over?” Jos stond nog altijd aan zijn bus pepperspray te frunniken. Maar zijn handen beefden te hard, waardoor hij het wapen niet van zijn riem kreeg. “Het is die rare vent die we midden in de nacht in het park betrapten”, krijste Jos.

Plots ging het ook ons dagen. Wij hadden deze agenten inderdaad al een keer eerder gezien: toen we de Redactiehond ’s nachts uitlieten om eens iets te beleven. Wij hadden die ontmoeting in het park best interessant gevonden, maar deze agent hield er duidelijk minder prettige herinneringen aan over. “Wat een leuk toeval”, lachten wij.

“Leuk?”, tierde Jos, “Door jou heb ik een maand thuisgezeten met een zenuwinzinking. En toen ging mijn vrouw ervandoor!” Hij trok nu nog harder aan zijn pepperspray. Plots kwam de bus los. Jos maakte een wilde zwaaibeweging en sprayde per ongeluk in het gezicht van enkele boze burgers. Die meteen met de agenten op de vuist gingen.

Wijselijk besloten wij het verdere verloop van dit tragische tafereel te negeren. “Waar zijn die schurk en zijn hulpje gebleven?”, vroegen wij aan Superrrjunior en Superrrredactiehond, doelend op Dr. Von Schtück en Igor. “Ik zie hen nergens”, zei Superrrjunior, “Ze hebben vast van de verwarring gebruik gemaakt om hem te smeren, vader.”

“Verdorie”, mopperden wij, “Hoe vinden we hen nu ooit nog terug? De Superrrredactiemobiel ligt aan diggelen. Hoe komen we die twee gevaarlijke gekken weer op het spoor zonder onze boevenradar?” Er viel een enge stilte die zwaar op onze schouders woog. Toen verhief Superrrredactiehond zijn kop en sprak fier: “Met mijn superrrneus.”

Wordt vervolgd…
 
 
(De eerste aflevering van dit spannende avontuur vindt u hier.)

Fritz redt de Redactiehond (aflevering 16)

Wat voorafging…
In tegenstelling tot hun Superrrredactiemobiel, hebben onze drie superhelden de raketaanval overleefd. Ze staan echter nog maar net op hun benen, of daar komt de arm der wet reeds op hen af. Ook de boze menigte die de beide dienders volgt, voorspelt weinig goeds.

“Dit voorspelt weinig goeds, jongens”, waarschuwden wij Superrrjunior en Superrrredactiehond. “Laat mij maar het woord voeren.” Met de borst vooruit, de vuisten stoer in de zij en de benen op een mannelijke afstand van elkaar wachtten wij geduldig en onbevreesd de komst van de politieagenten en de boze burgers af.

Onze pose maakte indruk. De agenten hielden halt op een meter of twee verder van ons vandaan dan gangbaar was voor een normaal gesprek. “Volgens deze getuigen hier”, begon de ene agent, met zijn duim over zijn schouder wijzend naar de boze burgers achter zich, “bent u verantwoordelijk voor de enorme schade die is aangericht.”

De andere agent zei niets en keek ons onderzoekend aan. Iets aan deze twee heren in uniform deed een verre uithoek van ons geheugen kriebelen, maar we konden er de vinger niet opleggen. “Heren, en lieve mensen”, spraken wij de agenten en de menigte toe, “Wij begrijpen uw onvrede, maar ons treft geen enkele schuld.”

De ogen van de eerste agent werden iets nauwer. Ook in zijn geheugen ging iets kriebelen, zo voelden wij. “Wij deden alleen maar onze burgerplicht”, gingen wij verder. “Dr. Von Schtück had onze Redactiehond ontvoerd en tijdens onze bevrijdingsactie zette die psychopaat de grove middelen in, met name een raketwerper.”

Plots trok de eerste agent grote ogen van herkenning. “Jij bent het!”, schreeuwde hij panisch. De arme man trilde over zijn hele lijf. De handboeien en de wapenstok aan zijn riem gingen er van rammelen. “Wat is er, Jos?”, vroeg de andere agent niet-begrijpend. “Het is die gek uit het park!”, schuimbekte de agent met hoge stem terwijl hij wild graaide naar zijn vervaarlijk groot ogende bus pepperspray.

Wordt vervolgd…

Fritz redt de Redactiehond (aflevering 15)

Wat voorafging…
De Superrrredactiemobiel is geraakt door een raket van Dr. Von Schtück en stort neer. Superrrfritz en Superrrredactiehond haasten zich om Superrrjunior uit het wrak te redden. Heeft het kind de crash overleefd? Voor die vraag kan worden beantwoord, ontploft de Superrrredactiemobiel en verliest Superrrfritz het bewustzijn.

Alles tolde. Overal zagen wij lichtvlekjes. Duizenden sterrenstelsels met ontelbare zonnen en planeten draaiden om ons heen. Waren wij misschien het middelpunt van het kosmisch bestaan? Daar leek het anders sterk op. Wij bezaten geen stoffelijk lichaam meer. Wij waren energie en manipuleerden de materie. Wij waren een zonnegod!

In onze strijdwagen van vuur, getrokken door twee kometen met een blauwe staart, vlogen wij door het heelal. Maar kijk, daar werd onze heerschappij betwist door een witte hemeldraak. De strijd was hevig en lange tijd onbeslist. Tot wij dodelijk geraakt werden. Wij vielen en stortten neer op een groen strand. De zee spoelde over ons gezicht.

“Vader”, galmde een bekende stem ergens in de verte. Ritmisch bleven de golven ons in het gezicht raken. “Vader”, klonk diezelfde stem weer, deze keer wat minder ver. Wij vonden die golven wel lekker warm, maar de geur beviel ons minder. Onze ogen bleken nog gesloten. Het leek ons een goed idee om ze eens open te doen.

Een natte, roze tong likte met veel toewijding over ons gezicht. Wij knipperden met onze ogen en herkenden Superrrredactiehond. Snel sprongen wij overeind. Uit beleefdheid verborgen wij onze walging. Wij veegden ons gezicht discreet droog met een puntje van onze cape. “Vader!”, riep Superrrjunior dolblij, “Je bent er gelukkig weer!”

“En geen minuut te vroeg”, hijgde Superrrredactiehond vermoeid, “Ik stond op het punt mijn superrrplas in te zetten.” Wij omhelsden Superrrjunior en gaven hem een superrrknuffel. “O, stik!”, zei Superrrredactiehond gealarmeerd, “De Wet.” Wij keken over onze schouder naar de snelweg. Twee politieagenten stapten kordaat in onze richting. Ze werden gevolgd door een hoop boze burgers.

Wordt vervolgd…

Fritz redt de Redactiehond (aflevering 14)

Wat voorafging…
Net wanneer Superrrfritz zijn Superrrredactiehond heeft bevrijd, vuurt Dr. Von Schtück een raket af op de Superrrredactiemobiel. Het voertuig, dat bestuurd wordt door Superrrjunior, stort brandend neer in een weiland. Superrrfritz vreest voor het leven van zijn jonge zoon. Zal hij het kind kunnen redden? Of komt alle hulp te laat?

Superrrredactiehond kwam als eerste bij het brandende wrak aan. Zenuwachtig blaffend trappelde hij op en neer. “Maak snel de deur open, baas”, zei hij, “Voor de boel ontploft.” De hitte van het vuur was intens. Behoedzaam stapten wij naar de bestuurderskant van de Superrrredactiemobiel. Schroeiend hete lucht vulde onze longen.

Met onze ene arm hielden wij onze superrrcape als een schild tussen ons gezicht en het vuur. Met onze andere hand pakten wij het handvat van het portier beet. De deur zat muurvast. Wij sloten onze ogen om de superrrkracht beter naar onze arm te laten stromen. We trokken nog een keer en sleurden met gemak het hele portier er af.

Een bewusteloze Superrrjunior viel naar buiten. Razendsnel slingerden wij het losgerukte portier weg en vingen wij ons dappere kind op in onze armen. Vaderlijk aaiden wij door zijn mooie blonde haar. Voelden we daar een hartslag in zijn hals? “Baas,” onderbrak Superrrredactiehond, “het vuur breidt zich uit. We moeten hier weg.”

“Je hebt gelijk, trouwe vriend”, antwoordden wij. “Help me even met Superrrjunior.” Wij pakten onze jongen onder zijn armen beet, terwijl Superrrredactiehond aan een van zijn broekspijpen trok. Dat schoot helaas niet erg op. “Euh, spaar jij je krachten maar, trouwe vriend”, zeiden wij diplomatisch. “Ik draag Superrrjunior wel even alleen.”

Superrrredactiehond zag de wijsheid hiervan in en rende voor ons uit. We probeerden zo veel mogelijk afstand tussen onszelf en de brandende Superrrredactiemobiel te krijgen. Maar na twaalf meter spatte het voertuig uit elkaar in een oorverdovende explosie die ons voorover in het gras wierp. Scherpe en smeulende brokstukken regenden op ons neer. Toen werd alles zwart voor onze ogen.

Wordt vervolgd…

Fritz redt de Redactiehond (aflevering 13)

Wat voorafging…
Superrrfritz bevrijdt Superrrredactiehond uit de vrachtwagen van Dr. Von Schtück. Maar de krankzinnige wetenschapper maakt midden op de snelweg een noodstop, waardoor onze beide superhelden op het asfalt belanden. En dan vuurt de gemene schurk een raket af op de Superrrredactiemobiel, die bestuurd wordt door Superrrjunior…

De raket sloeg in op de rechterkant van de Superrrredactiemobiel en ontplofte. Een reusachtige vuurbal onttrok het voertuig aan ons zicht. De schokgolf die daarop volgde, sloeg ons tegen de grond. Uit de optrekkende vuurbal verschenen de Superrrredactiemobiel aan de ene kant, en wat er restte van de rechtervleugel aan de andere kant.

De Superrrredactiemobiel was onbestuurbaar geworden en maakte een lelijke duikvlucht. Hou haar neus recht, zoon!, riepen wij Superrrjunior in gedachten toe. Maar zou ons telepathisch contact werken in deze stressvolle panieksituatie? Angst was het enige wat wij oppikten. Hoewel die emotie evengoed gewoon de onze kon zijn.

De afgebroken vleugel kwam uit de hemel vallen en landde op het dak van een stilstaande auto. Het was duidelijk dat uitdeuken geen zin meer had. Daar zou onze verzekering straks nog een vette kluif aan hebben. Tenzij er een clausule tegen neerstortende vleugels bestond. Maar nu hadden wij heel andere zorgen aan ons hoofd.

De Superrrredactiemobiel zette als een baksteen koers in de richting van een weiland naast de snelweg. De koeien wisten niet precies wat het brandende gevaarte was dat op hen afkwam. Maar ze begrepen wel dat het schadelijk voor hun gezondheid zou zijn, als ze er niet erg snel voor opzij gingen. Luid loeiend zetten zij het op een lopen.

De Superrrredactiemobiel boorde zich in de grond en trok een diepe geul achter zich. Wij voelden de aarde onder onze voeten beven. Pas na dertig meter kwam onze supermobiel tot stilstand. De neus zat helemaal ingegraven en de achterkant stond in de fik. Wij renden er naartoe, Superrrredactiehond voorop. Roet en modder bedekten de ramen, zodat we niet konden zien hoe Superrrjunior er aan toe was.

Wordt vervolgd…
 
 
N.v.d.r.: Nieuwe lezertjes, hardcore fans en lezers met een slecht geheugen verwijzen wij graag naar de eerste aflevering van dit spannend avontuur.

Fritz redt de Redactiehond (aflevering 12)

Wat voorafging…
Dankzij de tussenkomst van Superrrjunior weet Superrrfritz het gevaarlijke boevenhulpje Igor uit te schakelen en binnen te dringen in de vrachtwagen van Dr. Von Schtück, die om nog onduidelijke redenen een stel honden heeft ontvoerd. Superrrfritz wil zijn eigen Redactiehond snel bevrijden. Maar waar blijft Dr. Von Schtück?

Tussen het bange gekef van de vele honden klonk plots een blije blaf die wij uit duizenden herkenden. Daar zat hij, de Redactiehond! Wij rukten moeiteloos de ijzeren kooi open en strekten onze armen uit naar onze trouwe vriend. De Redactiehond ging maar wat graag op deze uitnodiging in en sprong druk kwispelend in onze open armen.

Onmiddellijk werden wij verblind door een lichtflits die wij die dag al een paar keer eerder hadden meegemaakt. En inderdaad, door onze aanraking was ook de Redactiehond getransformeerd. Voor ons stond een nobel, sneeuwwit dier in een trotse, krijgshaftige pose. En met een cape en een gezichtsmasker die mooi bij onze outfit pasten.

“Ben jij…”, begonnen wij onze stamelende vraag. “Ja, ik ben het, baas: Superrrredactiehond!”, antwoordde het dier met ferme stem. Dat hij kon spreken, verbaasde ons niet. Dat had hij vroeger tenslotte ook al eens gedaan. “We moeten hier weg, trouwe vriend”, zeiden wij, bewust als wij ons waren van onze hachelijke situatie.

Superrrredactiehond keek om zich heen. “Niet zonder eerst deze arme makkers van me te bevrijden!”, zei hij. Superheld of niet, hij was nog altijd even koppig. “Helemaal mee eens”, gaven wij graag toe, “Maar dat zal ons hier binnen niet lukken.” Samen klommen wij door het gat in het dak van de rijdende vrachtwagen naar buiten.

Wij kropen behoedzaam naar de stuurcabine. In de buitenspiegel zagen wij Dr. Von Schtück ons gemeen toelachen. Plots ging de schurk vol op de rem staan. Wij werden van het dak geslingerd en kwamen hard op het asfalt terecht. Enkele auto’s wisten ons nog net te ontwijken. Enigszins gehavend bereikten wij de vluchtstrook.

De vrachtwagen stond midden op de snelweg. Dr. Von Schtück stapte uit en legde een raketwerper op zijn schouder. Die richtte hij niet op ons, maar op de Superrrredactiemobiel die boven hem cirkelde! De afgevuurde raket vertrok in een wolk van rook en vuur en zette koers naar haar doel. “Superrrjunior!”, schreeuwden wij.

Wordt vervolgd…

Fritz redt de Redactiehond (aflevering 11)

Wat voorafging…
Superrrfritz en Igor staan een potje te vechten op het dak van een rijdende vrachtwagen, waarin de Redactiehond en nog een hoop andere ontvoerde honden opgesloten zitten. Tot nog toe lijkt de superrrkracht van onze superheld weinig effect te hebben op de monsterlijke assistent van de gevaarlijke Dr. Von Schtück.

Igor brulde woest en stormde op ons af. Wij probeerden ons zo goed mogelijk schrap te zetten. In gedachten veranderden wij in een dikke kasteelmuur waar elke kanonskogel tegen afketste, als een vlieg tegen een autoruit op de snelweg. Maar zou deze visualisatie weerstand kunnen bieden aan de ongetemde oerkracht van Igor?

Vader, hoorden wij plots de stem van Superrrjunior luid en duidelijk in ons hoofd, bukken! Er was geen tijd om na te denken over het hoe en waarom van dit verzoek, dus deden wij meteen wat ons gevraagd werd. Boven onze gekromde rug raasde een luchtverplaatsing voorbij. Vervolgens klonk er een doffe klap en een korte gil.

Toen wij opkeken, begrepen we wat er was gebeurd. Superrrjunior was met de Superrrredactiemobiel laag over ons heen gevlogen en had Igor een tik gegeven met de voorbumper. Igor was gevallen en bengelde nu aan de zijkant van de vrachtwagen. Hij hing met zijn kraag aan een haak en spartelde wild met armen en benen.

Wij betuigden onze dank aan Superrrjunior met een opgestoken duim. De lieve schat glimlachte breed en zwaaide vrolijk. Wat nu, vader, klonk zijn vraag in onze gedachten. We moeten snel de Redactiehond uit deze vrachtwagen bevrijden, zonden wij ons telepathische antwoord. Snij het dak open met de superrrlaser!

Een fijne rode straal maakte een snede van een meter lang in het dak van de vrachtwagen. Onversaagd pakten wij de hete randen van het plaatstaal beet. Met een superrrkrachtinspanning plooiden wij het metaal weg, zodat er een gat ontstond waarlangs wij naar binnen konden. Ruim twintig honden in evenveel kooien blaften ons opgewonden toe. Wij keken rond en zochten onze Redactiehond.

Wordt vervolgd…