Volgens een onderzoek spreken 57% van de Walen alleen Frans, is slechts 17% van hen tweetalig (Frans en Nederlands) en amper 7% drietalig (Frans, Nederlands en Engels). Voor wie niet zo thuis is in de wereld, een Waal is een combinatie van een Belg en een Fransman. Dan weet u het wel — tenzij u een Belg of een Fransman bent natuurlijk… of een Waal.
Een eenvoudige rekensom leert ons dat 57% + 17% + 7% = 81%. Hoe zit dat met die overige 19% van de Walen, willen wij dan weten! Het lijkt ons op zijn minst gezegd sterk dat die viertalig zouden zijn. Spreken zij misschien helemaal geen Frans? Volgens de Fransen spreken les petits Belges sowieso geen Frans — zoals Nederlanders ook vaak van de Vlamingen vinden dat die geen Nederlands spreken — maar dit geheel terzijde.
Of waren 19% van de potentiële respondenten gewoon niet thuis toen de onderzoeksmedewerker hen probeerde te bellen en werd dan maar voor het gemak het vakje onbekend aangekruist? Of waren ze wel thuis, maar werden zij door de onderzoeksmedewerker gestoord tijdens het avondmaal — een welbekend fenomeen dat dringend eens moet worden onderzocht — en ontstaken zij daardoor in een dusdanige Franse colère dat de arme man/vrouw/jongen/meisje aan de andere kant van de lijn geen woord begreep van deze opgewonden woordenstroom en dus maar weer zijn/haar toevlucht zocht tot het vakje onbekend? Het zijn vragen die ons blijven plagen, lieve lezer, en waarover de kranten met geen woord reppen.
Wat is trouwens het nut van dit soort onderzoeken? Het is toch genoegzaam bekend dat onze Franstalige medemens — zowel de Belgische als Franse — zich zelden de moeite getroost om een andere taal te leren dan zijn eigen moerstaal? Maar het is natuurlijk leuk om er een of ander rapport mee op te smukken dat na zijn publicatie meteen weer wordt vergeten. Of om er een leeg hoekje in de krant mee op te vullen. Of om er een stukje over te schrijven op een weblog wanneer men even niet zo gauw weet waarover nu weer eens te zeuren.